Fotojournalist Walter Van Calster kijkt tevreden terug op zijn carrière

Nina Bazzarini
Published on Tuesday 140225
Jaarlijks sterven tientallen journalisten, vorig jaar nog een zeventigtal. Ex-fotojournalist Walter Van Calster (80) ontsnapte nipt aan de dood tijdens een reportage in Tunesië.

Een doodse stilte, gevolgd door de hel die losbarst. Bommen, granaten en kogels vliegen door de lucht. Onschuldige burgers komen om het leven. Opnieuw een doodse stilte. Dagelijks staan journalisten klaar om vanuit de gevaarlijkste gebieden verslag uit te brengen. Sommigen gaan er zo hard voor, dat het hen soms fataal wordt. Ondanks een bijna-doodervaring en het fotograferen van vreselijke taferelen, kijkt Walter Van Calster (80) tevreden terug op zijn carrière. Hij maakte van zijn passie zijn beroep. Geboren in Battel, nabij Mechelen, en terechtgekomen als fotojournalist bij Het Laatste Nieuws (HLN). Hij ontsnapte nipt aan de dood in Tunesië.

Eerste echte fotojournalist in Vlaanderen

n 1934 werd in het gehucht Battel een toekomstig fotojournalist geboren. Gepassioneerd door talen, fotografie en film maakte Walter Van Calster zijn droom waar. Ondanks enkele hindernissen op zijn parcours naar de verwezenlijking van zijn droom, slaagde Van Calster erin om foto’s en tekst te combineren en zo de eerste echte fotojournalist te worden in Vlaanderen. 

“Nadat ik met mijn ouders mijn geboortedorp verliet, trokken we naar Vilvoorde. We vestigden ons in een klein arbeidershuisje. Ik ging er naar school en volgde een nieuwe richting in het Frans. Ik was echter een hele luie leerling. Enkel voor taal behaalde ik goede resultaten. Ik heb altijd van mijn passie mijn beroep willen maken. Om mijn droom waar te maken, begon ik als leerjongen in een huis waar foto’s bewerkt werden. Tot mijn legerdienst hield ik me hiermee bezig. Op kosten van het leger volgde ik zelfs een jaar lang fotografie in avondschool. Daar behaalde ik mijn enig Franstalig diploma.

Begonnen met  huwelijksreportages

“Met dat diploma startte ik een eigen winkeltje in Vilvoorde. Reportages die ik toen maakte draaiden vooral om huwelijken. Ik ging foto’s nemen op het stadhuis en de kerk, en tegen de avond ging ik het album kant-en-klaar aanbieden op het bruiloftsfeest. Nadien nam ik een fotozaak over in Mechelen tot ik bij een fotoagentschap mocht beginnen. Het Laatste Nieuws kende me ondertussen al. Kort daarna mocht ik daar aan de slag als fotojournalist. Alles was toch nog goed gekomen.”

U zegt ‘toch nog’? Is er iets gebeurd waardoor u dacht dat het niet meer zou goedkomen?   

“Toen ik fotograaf was in Mechelen heb ik een grote misstap begaan. Op 24-jarige leeftijd ben ik verplicht moeten trouwen. Ik had een vrouw zwanger gemaakt. Op het moment dat we moesten trouwen, waren we al uiteen. Het was voor niemand een verbazing dat het huwelijk zou uitdraaien op een vier jaar durende vechtscheiding. Zodra ik kon, ben ik hertrouwd en ondertussen zijn we al vijftig jaar verder. Door mijn eerste huwelijk heb ik echter mijn winkeltje in Vilvoorde moeten sluiten want ‘mijn vrouw had mij verlaten’. Dat het toch nog goed zou komen, daar geloofde ik niet meer in.”

U mocht dus aan de slag bij HLN als fotojournalist. Jaarlijks sterven echter een groot aantal journalisten, dit jaar nog zeventig. Heeft u tijdens het maken van een reportage ooit voor uw leven gevreesd? 

“1961 zal ik nooit vergeten. Frankrijk had een militaire basis in Tunesië aan de zee .De Tunesiërs waren toen al enkele jaren onafhankelijk en duldden dit niet meer, ze kwamen in opstand tegen de Fransen. Als enige Belg trok ik naar daar. Het was verschrikkelijk, een echt bloedbad. Tunesiërs sneuvelden als vliegen. Op een bepaald moment zag ik Tunesiërs die zich overgaven, uit een huis komen. Ik vroeg de Franse militairen ‘ils sont tous morts là-dedans?’, maar kreeg geen antwoord, enkel een sadistische grijns, waarop de Fransen begonnen te vuren op de Tunesiërs. Het zweetangst brak me uit. Plots hoorde ik achter me ‘ne tirez pas, c’est un journaliste’. Ik besef nu dat ik ontzettend veel geluk heb gehad. “

U hebt niet heel uw leven bij HLN gewerkt, waarom niet?  Bent u zelf opgestapt?

“Er kwamen steeds meer jongeren met een academisch diploma. Zonder diploma geraakte je er dus niet meer binnen. Mij ontslagen deden ze echter niet, maar ze lieten me wel voelen dat ik voorbijgestreefd was. Ik besloot dus om op te stappen.”

Werd u van thuis uit gesteund toen u besloot de krant te verlaten of vonden ze het eerder een impulsieve beslissing?

“Mijn thuis, dat is mijn vrouw. Ze heeft mij gesteund in alles wat ik deed. Mijn ouders waren al gescheiden en mijn moeder heeft zelfs nog bij ons ingewoond. Zij lette op de kinderen toen mijn vrouw en ik gingen werken. Op die manier was ze dus wel een grote steun. Ze is hier in ons huisje gestorven in de grote divan, naast de platenspeler daar.”

Is er iets wat u nooit meer zou willen meemaken?

“Ouders belden de redactie van HLN omdat hun driejarig zoontje vreselijke kanker had.  Het kindje was afzichtelijk vervormd en had gezwellen op zijn hoofd. Het vreselijke was dat het kind mentaal helemaal in orde was. Helaas was het ten dode opgeschreven. De ouders hoopten via ons iemand te vinden die hen zou kunnen helpen.”

“De moeder van het kind was zo gelukkig toen ik aankwam en haalde meteen haar zoontje erbij. Het was verschrikkelijk. Ik voelde tranen opkomen. Ik heb toen een hele reeks foto’s genomen waar ik me niet goed bij voelde. De hoofdredacteur was ook zo aangegrepen dat hij de foto’s niet wilde publiceren. Opgelucht begon ik aan mijn volgende reportage.”

Natuurlijk zijn er momenten in je leven de je nooit zal vergeten. Zijn er bij u beelden die op het netvlies geprint blijven?  

“Een andere reportage waar ik ook niet goed van was vond plaats in Zaventem. Er stortte een vliegtuig neer met een Canadese basketbalploeg aan boord. Het vliegtuig viel tweehonderd meter steil naar beneden. Ik heb toen de lijken in de bomen zien hangen. Maar ondanks alles, kan ik tevreden terugkijken op mijn carrière. “